“We hebben nieuwe vormen nodig. Nieuwe vormen hebben we nodig, en als die er niet komen, dan maar liever niets”
In [meeuw] van Olympique Dramatique wordt voor het eerst een repertoiretekst vertaald en gespeeld in Vlaamse Gebarentaal, door een gemengde cast van dove en horende toneelspelers, met Nederlandse boventiteling.
Uitgangspunt is De Meeuw (1896) van Anton Tsjechov, een van de grootste en tederste theaterteksten uit de literatuurgeschiedenis over een zoekende jeugd met nieuwe ideeën en een oudere generatie die zich daardoor bedreigd voelt. Een vertelling over de hang naar het verleden en het verlangen naar een vrij leven; verteld vanuit het perspectief van drie verschillende generaties. Liefde en verlangen als verwoestende drijfveer tijdens een familiereünie. Een komedie in vier bedrijven, zo benoemde de Russische schrijver het zelf.
[meeuw] is een ontmoeting met spelers uit de Vlaamse dovengemeenschap met VGT als moedertaal. De cast bestaat uit een mix van drie dove en vijf horende spelers: Yousra Boukantar, Sofie Decleir, Tom Dewispelaere, Lobke Leirens, Lut Reysen, Willy Thomas, Serge Vlerick en Yana Wuytens. Samen gaan ze op zoek naar een gemeenschappelijke taal: het gebaar.
“Ik ben zo dikwijls in de buurt van je huis geweest, maar ik ben nooit binnengekomen. Laten we gaan zitten.” - Nina Michailovna Zaretsjnaja
'Een gok én een triomf: Tsjechov in gebarentaal. [meeuw] is een heel bijzondere toneelavond.'
'Als je graag tijd maakt voor de meest uitzonderlijke voorstelling van het jaar, maak dan tijd voor deze meeuw.'
'De beste manier om een taal te leren is ontmoeten. En gezien mijn taal theater is, heb ik mensen gezocht om een voorstelling mee te maken. Mijn nieuwsgierigheid werd een ambitie en half november wordt [meeuw] als eerste repertoirestuk in Vlaamse Gebarentaal opgevoerd.'
Dit project is mede mogelijk gemaakt dankzij de steun van de spelers van de Nationale Loterij en de Koning Boudewijnstichting. De voorstelling werd gerealiseerd in samenwerking met KU Leuven, Faculteit Letteren - Antwerpen, en de taalgroep Vlaamse Gebarentaal van de opleiding toegepaste taalkunde.
een productie van Toneelhuis - coproductie theater arsenaal - in samenwerking met Silence Radio, Doof Vlaanderen, Doof & Events, Vlaams GebarentaalCentrum (VGTC) en Taalgroep Vlaamse Gebarentaal KU Leuven (Campus Antwerpen) - met de financiële steun van de spelers van de Nationale Loterij, KU Leuven Antwerpen (Toegepaste Taalkunde), Literatuur Vlaanderen, Koning Boudewijnstichting en de Tax Shelter van de Belgische federale overheid, LOOK@LEO - met dank aan Ludwina Degryse, Myriam Vermeerbergen, Griet Geysels, Guillaume Callewier, Milou Van Den Heuvel, Diljara Turaeva, Chaste Mizero, Alena Barabanova, Maatschappij Discordia, Christine Sun Kim en alle medewerkers van Toneelhuis
duur 150 min, zonder pauze in Vlaamse Gebarentaal met Nederlandse boventiteling taaliconen ****
theater arsenaal
andere locaties Open
in de pers
Lees het interview met Stijn Van Opstal, Serge Vlerick en Sofie Decleir n.a.v. de Nederlandse première van [meeuw].
Waar hoop je op? ’Dat [meeuw] van Toneelhuis, Olympique Dramatique & theater arsenaal geen eenmalig experiment is, maar dat we VGT vaker zien opduiken in voorstellingen en meertaligheid ook op die manier verkend wordt.’ - Lena Vercauteren (recensent Etcetera, lid van de Grote Redactie)
Wat bezorgde je tranen van ontroering? ‘De laatste scène van [meeuw] in Toneelhuis. De keuze voor gebarentaal doet eerst vreemd aan, maar Stijn Van Opstal weet het medium zo te gebruiken dat je een intense versie van Tsjechovs toneelstuk ziet.’ - Johan Thielemans (stond mee aan de wieg van Etcetera, schrijft voor theater en opera)
Meest belangwekkende voorstelling? ‘Niet de beste, wel de meest belangwekkende: [meeuw] van Olympique Dramatique, het eerste repertoirestuk in Vlaamse Gebarentaal, met horende én dove acteurs op scène. Wat een huzarenstukje. Ik kan me niet voorstellen hoe complex dat repetitieproces moet zijn geweest. Recht naar de essentie in vijftig tinten stilte. Bijzonder ook hoe die voorstelling de verloren traditie van het melodrama nieuw leven inblaast. Wat mij betreft: een gamechanger, nu kunnen we niet meer terug.’ - Charlotte De Somviele (coördinator Etcetera en podiumrecensent De Standaard)
'Zo stil, zo straf, zo geestig, zo onvergetelijk was een opvoering van deze klassieker van Anton Tsjechov nog nooit. De toverformule? Niet spreken maar gebaren. Met hart en ziel.'
'In het aangrijpende [meeuw] voeren dove en horende acteurs Tsjechovs klassieker volledig in Vlaamse gebarentaal op. Een inclusief huzarenstukje, en het origineel wint door de gebaren alleen maar aan schoonheid en kracht.'
'Zo intens en geestig zag je Anton Tsjechovs ‘De Meeuw’ nog nooit. (...) Deze spelers naderen dichter dan ooit het verlangen van Tsjechov om de schoonheid en aandoenlijkheid van hartstochtelijk klungelende, weifelende, falende én recht krabbelende mens te tonen. (...) Als u graag tijd maakt voor de meest uitzonderlijke voorstelling van het jaar, maak dan tijd voor deze meeuw. (De voorstelling wordt overigens netjes én met humor van Nederlandse boventitels voorzien, zodat iedereen kan lezen wat er gezegd wordt en de dove toeschouwers kunnen lezen welke ‘intens droeve’ muziek er heel soms klinkt.)'
‘Tsjechovs prachtige klassieker wint in gebarentaal alleen maar aan kracht. (...) Deze uitvoering en zeker het verrassende einde zorgen voor de ontroerendste Meeuw-opvoering die ik in mijn leven gezien heb. Tsjechov, in een nieuwe vorm.’
‘Deze [meeuw] doet op een originele manier recht aan Tsjechov door gebarentaal in te zetten als een rijk expressief instrument dat het onderscheid tussen wie wel en niet slecht hoort uitwist. Alle spelers staan met gelijke wapens op de toneelvloer. Toen Stijn Van Opstal dacht aan een stuk in gebarentaal leek dat een ware gok. Dankzij de inzet van de spelers, de begeleiders en de tolken werd het echter een totale triomf. Dit is gewoon een zeer goede opvoering van één van de ontroerendste teksten uit de theatergeschiedenis. Stijn Van Opstal heeft gegokt en gewonnen.’
‘In [meeuw] kijk je niet zozeer naar een verhaal, maar naar mensen met hun verlangens en gebreken. Dat is natuurlijk op het conto te schrijven van Tsjechov, die geweldige personages uittekende, maar zeker ook op dat van de acht spelers die zich volledig smijten.’
‘Dit stuk was door alle drempels allesbehalve eenvoudig om te maken, maar toch vinden de makers nog de ruimte om daarnaast ook te breken met patriarchale normen, én om te tonen hoe moeilijk het is om in deze gepolariseerde wereld uit onze bubbel te kruipen. Maar dat het niet onmogelijk is: ook dat toont [meeuw].’
‘Yana Wuytjens is de ster van de avond als ‘Konstantin’ en legt de nadruk op ‘tragi’ in deze tragikomedie.’
‘[meeuw] dwingt tot een andere economie van de zintuigen, tot andere beslissingen over waar je je focus legt, als toeschouwer, eigenlijk tot een heel andere zintuiglijkheid. Zo gaat de subtiele klassenstrijd die Tsjechov altijd voert, nog een stap verder: hier wordt communicatie in vraag gesteld, en zelfs de taal zelf.’
Lees het interview met Stijn Van Opstal, Serge Vlerick en Yousra Boukantar.
Lees het interview met Tom Dewispelaere en Yana Wuytjens.
‘Tsjechov maakt met enorm veel humor en mededogen komedies over de struikelende mens die wij blijkbaar al eeuwen zijn. 'De meeuw' in het bijzonder is wat mij betreft een van de mooiste en tederste stukken uit de toneelgeschiedenis.’ (Stijn Van Opstal)
'Niemand kan tederder de klungelende mens analyseren dan Tsjechov.' (Stijn Van Opstal)
'De beste manier om een taal te leren is ontmoeten. En gezien mijn taal theater is, heb ik mensen gezocht om een voorstelling mee te maken. Mijn nieuwsgierigheid werd een ambitie en half november wordt [meeuw] als eerste repertoirestuk in Vlaamse Gebarentaal opgevoerd.' (Stijn Van Opstal)